Vlaams Woordenboek logo

Het Vlaams woordenboek


Index

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Log in

Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.

Uw gebruikersnaam
Uw geheime paswoord

  • Log in
  • Wees welgekomen | Willekeurig | Top woorden | Recent

    Woorden die beginnen met 'v'

    va vb ve vi vl vo vr vu vz

    De volgende 971 termen in onze databank beginnen met 'v':

    vaagbustel
    vaak
    vaak, praat voor de ~
    vaam
    vaan
    vaantje, naar de ~s zijn
    vaar
    vaar of vrees
    vaart, springt in de ~
    vaartkom
    vaâm
    vacantie
    VAD
    vaderkesdag
    vaderlander
    vaderons
    vadertje en moeder spelen
    vadrouille, op ~
    vaerdig
    vagen
    vajjer
    vak
    vakantiejob
    vakantiesalon
    vakbondsfront, gemeenschappelijk ~
    vakbondsmilitant
    vakbondspremie
    vake
    vakjesdenken
    vakschool
    valaar
    valabel
    valavond
    valf
    validatie
    valies
    valies, in de ~ zijn
    valiezen, zijn ~ maken
    vallende ziekte
    valling
    valoriseren
    valreep
    vals
    vals gebit
    vals plat
    valse tanden
    valsmunter
    valsmunterij
    vamen
    van
    van (den) eerste keer
    van a een, twee, drie
    van ’t sport zijn
    van dat, het is weer ~
    van de
    van de een naar de negen geslagen
    van de morgen
    van de namiddag
    van de noen
    van de week
    van de werke weg
    van den avond
    van den jaar
    van dit en dees en 't geen
    van drekt
    van een keer
    van ene pas
    van essen 't ende
    van ijzer word je ni wijzer
    van lengte trekken
    van Marseille
    van men kan niet meer
    van over
    van ponte naar stronte
    van sinds
    van soorten
    van tussenuit, zich ergens ~ houden
    van uzelf gaan
    van vandaan komen
    van zijn eigen
    van zodra
    vanachter
    vanachter spelen
    vanachteren
    vanaf
    vanaf als
    vanaf als dat
    vanaf, er ~ willen zijn
    vanalle
    vanalles
    vanals
    vanalzeleven
    vanbrustum
    vandeeg
    vandeur
    vandoen
    vandoen hebben
    vaneen
    vaneen af
    vaneges
    vaneigens
    vaneir
    vaneirafaan
    vanensentens
    vanesteneinden
    vangen
    vanhaar
    vanher
    vanonder(uit), er niet ~ kunnen
    vanonderdoor, er ~ zijn
    vanop
    vantiennegen
    vantijd
    vanuit
    vanvaar
    vanveis
    vanveur
    vanvoor
    vanwaad
    vanwaar
    vanzelevens niet!
    vanzeneigens
    vapeur
    vapeurkes
    varen
    varen en handen
    varen, dat gaat u ~
    varen, mee ~
    varen, met iem. ~
    varen, zo moet ge ~
    vareuse
    varis
    varken, het ~ uithangen
    varkens
    varkensnest
    varkenspetatje
    varkensstrepen
    vars
    vas
    vas(t)spangen
    vast werk
    vastbenoemd
    vasteloavend
    vastgrabbelen
    vasthebben
    vastnemen
    vastscharen
    vastslagen
    vat, een ~ geven
    vat, het ~ is af
    vat, van ’t ~
    vatlagering
    vatten
    vava
    vès
    vérk
    vûlemûlle
    vûlemûllen
    VBO
    vbv
    vechtscheiding
    vedde
    vedsels
    veel noten op uw zang nemen.
    Veergebreuderspjeid, 't ~
    veertigurenweek
    veest
    vei
    vei, -e
    veiligheidsperimeter
    veirdig, iets ~ maken
    veister
    veisterkassien
    Vejel
    vel
    vel euver knoak
    vel, aan iemand zijn ~ zitten
    vel, geen ~ over zijnen buik hebben
    vel, slecht ~
    velcro
    veldcross
    veldcrossen
    veldkei
    velne frak
    velo
    velo rien
    velobaan
    velobandjes
    velokoers
    velomaker
    velomeuleken
    velopad
    velorekker
    velospel
    velpon
    veneir
    venster
    vensterleer
    vensteruur
    vent
    vent, voor de ~en zijn
    venten
    ventileren
    ventje
    ventousiast
    ver
    verachterd
    verachteren
    veranderingen
    verantwoordelijke
    veraseming
    verbabbezakken
    verbalemonden
    verbasterdeerd
    verbeteren
    verbeulemansen
    verbloeien
    verbreking
    verbrodden
    verbruikzaal
    verbruining
    verbrusselen
    verbuft
    vercoteren
    verdapperen
    verdeeltaks (scheidingstaks, miserietaks)
    verdekke
    verdelen
    verdeler
    verdenking, in ~ stellen van
    verderdoen
    verderdoor
    verderdoordoen
    verderzetten
    verdesseleweerd
    verdesteleweerd
    verdestereweren
    verdevijs
    verdienen van
    verdiep
    verdiep, het schoon ~
    verdierenpikker
    verdikken
    verdisterweren
    verdoeft
    verdoemmenis
    verdoen
    verdoken zitten
    verdolen, zich
    verdonkermanen
    verdossen
    verdrinken, de vis ~
    verdrom
    verduft
    verduidelijker, koninklijk ~
    verduldig
    verduurd
    verduveld, ergens ~ op zijn
    verenneweerster
    verenneweren
    verenneweur
    verennuatie
    vererremoid
    verf, dat pakt geen ~
    verf, in de ~ zetten
    verfborstel
    verfoesjterd
    verfroemelen
    verfurtelen
    vergankenis, de ~
    vergaringe
    vergauwelozen
    vergoeilijken
    vergrezelen
    vergrezzelen
    vergronden
    vergroten
    verhaard
    verhakkeld
    verhakselaar
    verhangen zijn aan iets
    verhansvollen
    verhapsakken
    verhapzakken
    verheffen, zich ~
    verhessen
    verhetst
    verhoog
    verhuis
    verhuisbrouwerij
    verijzemuilen
    verinneweren
    veritst
    verjaarling
    verjaren
    verjosteren
    verkaveling
    Verkavelingsvlaams
    verkeersbelasting
    verkeershinder
    verkeersinbreuk
    verkeerswisselaar
    verken
    verkenner
    verkens, met ~ schieten
    verkes
    verkesblaas
    verket
    verkettelen
    verkeusterd
    verklatteren
    verkleutering
    verkoapn
    verkoop, dienst na ~
    verkoopzaal
    verkopen, last ~
    verkort
    verkroken
    verkrotting en leegstand
    verkrunkelen
    verlappen
    verlebberen
    verleden
    verleed
    verlegen, ge moest ~ zijn
    verlengdraad
    verlengenis
    verlet, klein ~
    verlieren
    verlijden
    verlof
    verlof staan hebben
    verlof zonder wedde
    verlofgeld
    verloning
    verloop
    verloren brood
    verloren eiland
    verloren kost
    verloren lopen
    verloren maandag
    verluchten
    verluchting
    vermaken
    vermaking
    vermangelen
    vermassacreren
    vermindering
    verminderingskaart
    vermits
    vermoën
    vermoosen
    vernebbelen
    vernegligeren
    verneipen
    vernepeling
    vernestelen
    verneuteld
    verneuteling
    vernieling, de ~ inrijden
    verniet
    vernieuwingswerken
    vernisborstel
    vernist
    vernoemen
    vernoordnederlandsen
    vernufteling
    vernuiteld
    verpassen
    verpinken
    verplaatsing
    verplaatsing, op ~ spelen
    verplaatsingskosten
    verplaatsingsonkosten
    verplaatsingsvergoeding
    verplichten van
    verprossen
    verraaien
    verrajudas
    verre
    verre streke zin
    verrechtvaardigen
    verregaand
    verreke, e goe ~ fret alles
    verrekebiest
    verrekesjès
    verrekken
    verrikdese
    verrikeling
    verrineweerd
    verroeseld
    verrosjt
    verrottingsstrategie
    verruis
    verruren
    vers geregeld
    vers-de-vase
    versassen
    verschangeliseren
    verscheen
    verschei
    verschietachtig
    verschieten
    verschijten
    verschoeperen
    verschoning
    verschot
    verschralen
    versjangelere
    versjèt
    versjit
    versjit,versjèt
    verslakkeren
    verslensen
    verslodderen
    versloekken
    verslokeren
    verslokkeren
    versmachten
    versmoren
    versmossen
    versnuifd
    verspenen
    verstaan
    verstaan, zich er niet uit ~
    verstaeken
    verstand, tot de jaren van (het) ~ komen
    verstellen
    versteven
    verstomming, met ~ geslagen
    verstrengen
    verstreuveld
    verstroppen
    versutseld
    vertaler-tolk
    verteer
    vertellement
    vertellen, foefkes ~
    vertellen, komen te ~
    vertelselke
    vertettelen
    verteureluten
    verticaal klasseren
    vertijkelen (vertiekel'n)
    vertinner
    vertragingsbult
    vertrek
    vertrouwelijke
    vertrouwensstemming
    vervaldatum
    vervallen zijn
    vervangingsinkomen
    vervangstuk
    verveed
    verveeld
    verversen
    vervoegen
    vervolledigen
    vervolmakingscursus
    vervormd wegdek
    vervriendelijken
    verwa
    verwaaien
    verwachten, zich ergens aan ~
    verwijlinterest
    verwijlrente
    verwittigen
    verwittiging
    verwurgd
    verzaaid
    verzekers
    verzenderkensdag
    verzet
    verzetten
    verziep
    verzijp
    verzot op iemaand
    verzouwen
    verzusteren
    ves
    vespreren
    vessem
    vessemen
    vest
    veston
    vet, er ~ mee zijn
    vet, het ~ is van de soep
    vetbol
    vetjoan
    vetkeske
    vetnat
    vets
    vetscheer
    vette
    vette moeite, de ~
    vette vaarkes
    vette, gene ~
    vettig
    vettigaard
    vetting
    vetvingeren
    vetzak
    vetzakkerij
    veugelen
    veugelmutte
    veujer
    veujering
    veuls te veul
    veupleuts
    veurallevalleveur
    veurdeur
    veursjloan
    veurten
    veust
    veva
    vezelen
    videeke
    vief
    vielstake
    vier
    vieren
    vierentwintig uur op vierentwintig
    vierentwintigurenloop
    vierentwintigurenmarathon
    vierentwintigurenstaking
    viergeslacht
    vierkant draaien
    vierkantig
    vierkantshoeve
    vierkappens
    vierklauwens
    viermoj
    viertorre
    vieruurtje
    viervaksbaan
    viervaksweg
    vies
    vieze
    vieze goesting
    viezen perlut
    viezentist
    viggelen
    vijd
    vijer
    vijf frank zoeker
    vijf minuten, de ~ houden
    vijf stappen, alle ~
    vijf voor hebben
    vijfdagenweek
    vijfendertigurenweek
    vijffouter
    vijfgeslacht
    vijg
    vijg, platte ~
    vijg, van de ~ hebben
    vijgen na Pasen
    vijgen, een half pond ~
    vijlen
    vijs
    vijs, daar zit een ~ los
    vijs, de vijzen aanspannen
    vijs, iem. een ~ opdraaien
    vijs, onder zijn,haar ~ geven,krijgen
    vijven
    vijzen
    vikken
    vil
    vilbeluik
    villa-appartement
    villo
    vinden kunnen
    vinden, komen ~
    vinger, iemand rond zijn ~ draaien
    vinger, in zijn ~ snijden
    vingerdik
    vink, loze ~
    vinkelen
    vinkenier
    vinkenslag
    vinkenslag, op ~ zitten, staan
    vinkenzetting
    vinnig
    vinnigen
    vinsterleir
    vinstermik
    vint
    violen, de ~ gelijk stemmen
    violet
    viool
    viool spannen
    viool, iemand door zijn ~ trekken
    vis platinées
    vis, de ~ verdrinken
    vis-à-vis
    visbak
    viseren
    visgeeët
    viskes
    viskes, uw moeke heeft ~ gebakken
    viskraam
    vislijn
    vislutte
    vismijn
    vispoal
    vissen, daar kunnen ze ni meer van gaan ~
    vissersclub
    visstok
    visverlof
    vitesse
    vitessebak
    vitessepil, een ~ gegeten hebben
    viticultuur
    vitreneir
    vitrine
    vitrinekast
    viva bomma, patatten met saucissen
    vive l'amour
    vlaag
    vlaai
    vlaai, zotte ~
    Vlaams
    Vlaams (forum)
    vlaamse beweging
    Vlaamse gemiddeldentaal
    Vlaamse kermis
    vlaan
    vlaanderen
    Vlaanderens Mooiste
    Vlaanders
    Vlaanders, de ~
    vlag
    vlagen, met ~
    vlaggen, het ~ hebben
    vlak
    vlakaf
    vlam, in de ~men opgaan
    Vlamen
    vlamme
    vlammen
    vleesbrood
    vleeskar
    vleesklak
    vleeskoek
    vleeskroket
    vleessaus
    vleestuin
    vlegel
    vlei
    vleweek
    vlezige kok
    vlieg, een ~ in zijn oog hebben
    vliegen, erin ~
    vliegen, gaan ~
    vliegen, in de drank ~
    vliegen, ze zien ~
    vliegenbout
    vliegenbouter
    vliegenier
    vliegenpikker
    vliegenraam
    vliegenscheten
    vlieger
    vlieghaven
    vliegmachien
    vliegmeeting
    vliegplein
    vlienderboom
    vlimmeke
    vlimmesje
    vlinder
    vlinderakkoord
    vlindersirope
    VLM
    vlo
    vlo, op nen ouwe ~ moet ge 't leren
    vloë
    vloeikes
    vloek en een scheet, in een ~
    vloeken
    vloer
    vloer, valse ~
    vloerke
    vloervarken
    vlok
    vlokkenborstel
    vlooi
    vlooien, een beursje ~
    vlooien, wie bij de hond slaapt krijgt zijn ~
    vlooienbak
    vluchthuis
    vluchtmisdrijf
    vlum
    voar
    vod
    voddeke aan de tong
    voddeman
    vodden van komen
    vodden, achter zijn ~ zitten
    vodden, met de ~ zitten
    voddenkruier
    voddenman
    voddenmarchand
    voddepop
    vodder
    voddevent
    voddezjo
    voedingssalon
    voedselverlies
    voege, in dier ~
    voege, in ~
    voege, in ~ treden
    voegen, uit uw ~barsten
    voegen, zich ~
    voejs
    voel
    voenk
    voenkelen
    voer
    voert
    voertnisselen
    voet, alle vijf ~
    voet, met iemand zijn ~en rammelen
    voet, naar z'n ~en krijgen
    voet, onder de ~staan
    voet, onder de ~zijn
    voet, voor de ~
    voet, voor z'n ~en slagen,slaan
    voetbal
    voetballist
    voetbalplein
    voetbalploeg
    voeten, amai mijn ~
    voeten, een stuk in zijn ~
    voeten, goed uit de ~ kunnen
    voeten, met iemand zijn ~ spelen
    voeten, niet uit de ~ kunnen
    voeten, om de vijf ~
    voeten, onder je ~ krijgen
    voeten, uit de ~ doen
    voeten, uit de ~ zijn
    voeten, van mijn ~
    voeten, voor de ~ lopen
    voeten, zijn ~ aan iets vegen
    voetlingen
    voets
    voetsjmiete
    voewe
    vogel zonder kop
    vogel, de ~ is gaan vliegen
    vogel, ne ~ voor de kat
    vogelaar
    vogelen
    vogelenmarkt
    vogelenschrik
    vogelière
    vogelkes zonder kop
    vogelkotje, tegen het ~ gelopen
    vogelnestje
    vogelpiek
    vogelvlucht, in ~
    vogelwijn
    voidre
    voila
    voituur
    voke
    vokskes
    volant
    volè
    voljaar
    volk
    volk, daar gaat veel ~ naar komen kijken
    volk, schoon ~
    volk, veel ~ in de statie
    volkaan
    volksbak
    volle gallo
    volle jambon
    volle petrol
    volleer
    vollen tuub, op ~ bezig zijn
    vollinge
    volschudden
    voltapijt
    voltroppelen
    voluntariaat
    volwassenenonderwijs
    volzet
    volzitten
    vondelingenschuif
    vonkelen
    vonkelhout
    vonkelhoutzaag
    vont, de ~heeft gesmet
    voogdijminister
    vooi
    voois
    voois, uit de ~ zingen
    vool
    voor
    voor als
    voor en na
    voor het moment
    voor wat
    voor, de ~ op
    voor, er ~ zijn
    voor, het is ~ te
    voorafbepaling
    voorafbetaling belastingen
    voorafgaand
    voorafgaandelijk
    voorafname
    voorakkoord
    voorbedachtheid
    voorbevochtigd
    voorbij
    voorbijgestreefd
    voorbijsteken
    voordeur, een nieuw ~ krijgen
    vooreerst
    voorhebben, het ~
    voorhebben, iets ~
    voorhechtenis
    voorhof
    voorkind
    voorkrijgen
    voorland
    voorleggen
    voormiddag
    voormiddags, ’s ~
    voorniet
    voornoen
    voornoene
    vooropstellen
    voorpla
    voorraad, tot uitputting van de ~
    voorruitontdooiing
    voorschoot
    voorschoot, een ~ groot
    voorschrift
    voorsmaakje
    voorsteken
    voorsteker
    voorstuk
    voort
    voortdoen
    voortijd, de ~
    voortleren
    voortlopen
    voortvarend, al te ~
    vooruit doen
    vooruitbetaling
    voorval
    voorwat
    voorzeker(st)
    voorzien
    voos
    voos, van de ~ brengen
    vorig
    vormingsstation
    vors
    vort
    vortdoen
    vorten
    vortig
    vortpissen, zich
    vortschudden
    vos zijn
    vos, vosse
    vossen
    vot, achter de ~ (aan) zitte
    votloak
    vots
    vottetesj
    vottevaeger
    voute
    voute(kamer)
    voyage, op ~ gaan
    voyageur
    vraag, de ~ stelt zich
    vraag, in ~ stellen
    vraag, op ~ van
    vraamins
    vraemde
    vragen achter
    vragen, niet beter ~
    vragen, niet liever ~
    vragen, ~ doen rijzen
    vrange
    vredegerecht
    vrederechter
    vree goe
    vreende
    vreetbon
    vreg
    vreglap
    vrejer
    vrellie
    vremde
    vremmes
    vreus
    vriedesmiddes
    vriendenmatch
    vriendenwedstrijd
    vriendschap
    vriesblaar
    vriezebroek
    vriezen
    vriezen, stenen uit de grond ~
    Vrij Podium
    vrijage
    vrijberoeper
    vrijgezelle
    vrijwilliger, Chinese ~
    vrijzinnig
    vroed
    vroegjaar
    vroegmarkt
    vroegste, ten ~
    vroem
    vrommesj
    vroom
    vroos, vrozen, gevrozen, bevroos, bevrozen
    vrouwe, de -
    vrouwentong
    vrouwluu
    vrouwmens
    vruie, zich ~
    vruien, zich ~
    vrundj
    vruten
    vruugtijd
    vugen
    vuil
    vuil Jo
    vuil manieren
    vuil, het ~ van de straat
    vuilbaard
    vuilbak
    vuilblek
    vuilblik
    vuilderik
    vuile klap
    vuilerik
    vuiligaard
    vuiligheid
    vuilkar
    vuilkarre
    vuillik
    vuilneus
    vuilzak
    vuissegesledder
    vuisseklidder
    vuist, recht voor de ~
    vuistnoot
    vuistvechter
    vule poere
    vule stance
    vulemulen
    vullemulle
    vullemullen
    vulte
    vunderen
    vuur
    vuur, tussen twee vuren
    vuurkestook
    vuurkestook doen
    vuurkulleke
    vuurmade
    vuurslag
    vz. plus "wat"
    VZW

    Tip: Punthoofd.be. Het heetste nieuws in de Vlaamse media.

    Het Vlaams woordenboek  |  Copyright © 2007-2012  |  Concept en realisatie door Anthony Liekens  |  Algemene Voorwaarden