Vlaams Woordenboek logo

Het Vlaams woordenboek


Index

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Log in

Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.

Uw gebruikersnaam
Uw geheime paswoord

  • Log in
  • Wees welgekomen | Willekeurig | Top woorden | Recent

    Woorden die beginnen met 'u'

    1. ub (1)
    2. uc (1)
    3. ue (2)
    4. ui (275)
    5. uk (1)
    6. ul (12)
    7. um (5)
    8. un (15)
    9. up (3)
    10. ur (14)
    11. us (2)
    12. ut (3)
    13. uu (19)
    14. uv (2)
    15. uw (9)

    De volgende 341 termen in onze databank beginnen met 'u':

    u
    u-nagel
    über-Vlaming
    uchteren
    uesteg
    uëze
    uier
    uigske, een ~ pietsje
    uil
    uil, de ~ zijn
    uil, gelijk een ~ op een kluit
    uil, nu is er toch een ~ uit zijn gat gevlogen
    uiltje, een ~ vangen
    uit de hand beslagen
    uit de kas
    uit de lucht vallen
    uit de naad zijn
    uit de tote drinken
    uit de vrage zijn
    uit de wind zetten
    uit dozen
    uit een doosje komen
    uit een paard zijn gat kruipen
    uit hebben, zijn
    uit het let
    uit mijn smete
    uit Vlaamse klei opgetrokken
    uit zijn
    uit zijn broek krabben
    uit zijn eigen
    uit zijn nek klappen
    uit zijn nek zwetsen
    uitbaatster
    uitbadgen
    uitbaten
    uitbater
    uitbater, de kleine ~
    uitbating
    uitbeender
    uitbloemen
    uitblutsen
    uitboljob
    uitbollen
    uitbolscenario
    uitborstelen
    uitbreiding
    uitbreiding nemen
    uitbrengen
    uitbujelen
    uitbutsen
    uitdeinen
    uitdeining
    uitdelen, geel stiften ~
    uitdoen
    uitdoen, ring ~
    uitdoofbeleid
    uitdoofscenario
    uitdoppen
    uitdoving
    uitdraaien, verkeerd ~
    uitdrijving
    uitdrinken
    uitduwen
    uiteen
    uiteen doen
    uiteen zijn
    uiteen~
    uiteencarambollen
    uiteenvijzen
    uiterhand
    uiterzoere
    uiteten
    uitfiggelen
    uitfiggeren
    uitfineren
    uitfoefelen
    uitgaan op
    uitgaansvergunning
    uitgangs-
    uitgangsbuurt
    uitgangsleven
    uitgangsverbod
    uitgebloemd
    uitgekaaid
    uitgekleurd
    uitgeleefd
    uitgelord
    uitgeput zijn
    uitgeregend zijn
    uitgerekend zijn voor (een geboortedatum)
    uitgerokken
    uitgeschud
    uitgesteld relais, in ~
    uitgestelde kijkers
    uitgeven
    uitgeven op
    uitgeven, het weer ~
    uitgifte
    uitgommen
    uitgrinsen
    uitgroeibaan
    uithalen
    uithandengeving
    uithangen
    uithangen, de kloon ~
    uithangen, de suikere ~
    uithangen, den aap ~
    uithangen, hem ~
    uithangen, het ~
    uithangen, het varken ~
    uithoudingssport
    uitjoeberen
    uitkappen
    uitkelen
    uitkeren
    uitkettelen
    uitkippen
    uitklappen
    uitklaren
    uitkom
    uitkomen
    uitkomen, op iets ~
    uitkomen, uit iets ~
    uitkomende
    uitkramen
    uitkuisen
    uitkuisen, de tenen ~
    uitlachtelevisie
    uitlakken
    uitlangen
    uitlaten
    uitlebberen
    uitleendienst
    uitleg, een ~ gelijk een andere
    uitleggen en peten tekenen
    uitlegkruisje
    uitleuren
    uitlichten
    uitlijpen
    uitloeren
    uitloop
    uitmaken
    uitmatch
    uitmeten
    uitnemen
    uitnijpen
    uitnijpen, een kledingstuk ~
    uitparen
    UiTPAS
    uitpitsen
    uitpoetsen
    uitprobatie
    uitproberen
    uitpuren
    uitputting, tot ~ van de voorraad
    uitregenen
    uitrekken
    uitreutelen
    uitrienen
    uitrijden
    uitrijzen
    uitritsen
    uitroepingsteken
    uitrommelen
    uits
    uitscharen
    uitscheiden
    uitscheiding
    uitscheppen
    uitschieën
    uitschieïng
    uitschijnen, laten ~
    uitschijten
    uitschijten, uw eind ~
    uitschrankelen
    uitschreeuwen, zich ~
    uitschreeuwen, zijn onschuld ~
    uitschudden
    uitschuiver
    uitschuivertje
    uitsikken
    uitsjamfoeteren
    uitsjikken
    uitsjotten
    uitslag
    uitsleffen
    uitslieren
    uitslijten
    uitslippen
    uitsloeberen
    uitsluieren
    uitsmoorder
    uitsmoren
    uitspanningsuur
    uitspeken
    uitspelen
    uitsplijten
    uitspringen
    uitstaans hebben met
    uitstalraam
    uitstampen
    uitstap
    uitstappen
    uitsteekberd
    uitsteken
    uitsteken, de ogen ~
    uitstekken
    uitsteksels maken
    uitstel, met ~
    uitstelbaby
    uitstoottest
    uittakkeleren
    uitterhand
    uittoren
    uittredend
    uittredingsvergoeding
    uit­trek­sel
    uittuffen
    uitvaart, het was er gelijk op een ~
    uitvallen
    uitvalshoek
    uitvegen
    uitverkoop
    uitvijzen
    uitvijzen, iemand een been ~
    uitvijzen, iemand een poot ~
    uitvijzer
    uitvijzerskot
    uitvinden
    uitvingeren
    uitvlassen
    uitvliegen
    uitvoering, in ~ van
    uitvoetballen
    uitweg
    uitwijkeling
    uitwijken
    uitwijking
    uitzakken
    uitzakken, zich laten ~
    uitzeggen
    uitzendarbeid
    uitzicht
    uitzien
    uitzien, dat gaat er lief ~
    uitzien, er niet ~
    uitzitten
    uitzjoeberen
    uitzonderlijk
    uitzonderlijk gesloten
    uitzonderlijk open
    uitzuipen
    uitzuiper
    uitzuiperscafé
    uitzuipkroeg
    uitzuipster
    uitzuiveren
    uitzwaaien
    uitzweten, iets moeten ~
    uitzwieren
    ukske bie de grond
    ul van ’t spel
    ulder
    ulle
    ulle
    ulle, op uw ~
    ullegie
    ullewupper
    ulsifrot
    ultraloper
    ummer
    ummer get
    ummes
    ummesj
    un
    Unesco-zone
    Unia
    unief
    unisono klinken
    unitair
    unitarisme
    unitarist
    unitaristisch
    universitair
    universitair ziekenhuis
    universiteitsprofessor
    universiteitswoord
    UNIZO
    unnesop
    up e tuutte matooit
    upt en geknupt
    upzijds
    urbi et orbi verkondigen
    uren
    uren kloppen
    uren, na zijn ~
    urendag, 8 ~
    urenstaking, 24 ~
    urenweek, 40 ~
    urgentiearts
    urgentieteam
    urgentieverpleegkundige
    urgentiezorg
    urges
    urne
    urten
    ussel
    usurperende bevoegdheid
    utersjank
    uts
    utseklutse
    uul
    uur
    uur, 24 ~ op 24
    uur, een ~ lezen
    uur, een schoon ~
    uur, hoeveel ~
    uur, in ’t ~
    uur, op een menselijk ~
    uur, vierentwintig ~ op vierentwintig
    uur, wat ~
    uur, welk ~
    uur, weten wat ~ het is
    uure van police
    uurke factuurke
    uurregeling
    uurrooster
    uurwerk
    uurwerk, koers tegen het ~
    uutlèizen
    UV
    uveirig
    uw
    uw eigen
    uw eind uitschijten
    uw manieren houden
    uw part staat op de buize
    uw twee pollen kussen
    uwe(n)
    uwel
    uwen eet zijn

    Nieuwe versie!
    Er is een nieuwe versie van het Vlaams Woordenboek online. Mocht je problemen ondervinden, gelieve deze te melden op onze GitHub.

    Het Vlaams woordenboek  |  Concept en realisatie door Anthony Liekens

    Creative Commons License

    Het Vlaams Woordenboek by Anthony Liekens is licensed under a Creative Commons Attribution-NonCommercial-ShareAlike 4.0 International License.