Vlaams Woordenboek logo

Het Vlaams woordenboek


Index

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Log in

Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.

Uw gebruikersnaam
Uw geheime paswoord

  • Log in
  • Wees welgekomen | Willekeurig | Top woorden | Recent

    Woorden die beginnen met 'n'

    na nd ne ni nj no nu

    De volgende 313 termen in onze databank beginnen met 'n':

    n(eu)ss(eu)lek
    na, tien ~ drie
    naa moeje gij nekee goe luistere
    naaibak
    naaicafé
    naaistrigge
    naakt ontslag
    naaldje, van ~ tot draadje
    naam
    naamstemming
    naar de zee
    naar Frankrijk waaien
    naar omlaag, naar omhoog
    naarste
    naas, krats euver de ~ gaeve, kriege
    naast, er niet ~ kunnen
    naast, er niet ~ kunnen kijken
    naaste
    naasteen
    nabewaking
    nachtbrek
    nachtcommodeke
    nachtenoen
    nachthal
    nachtlampe
    nachtlus
    nachtshift
    nachtwinkel
    nadar
    nadarafsluiting
    naderhand
    nadien
    naft
    naftbak
    nafte
    naftepomp
    naftstation
    nagel
    nagel, geen ~ voor aan zijn gat te krabben
    nagel, op dezelfde ~ kloppen
    nagelenbuik
    nagels met koppen (slaan)
    nah
    nakende
    nakomeling
    nalaten
    nalatigheidsint(e)rest
    naleniet
    nalfsten
    namiddag
    namiddagconcert
    namiddags, ’s ~
    nammekes doen
    nannekesnest
    nannewuiten
    nanoeter
    nantoek
    naod, de ~ hebben naar
    napjaar
    napsjaar
    naschudden
    nasje
    nat
    natie
    natiepaard
    nationaliteit
    natourcriterium
    natte bulle
    natuur
    natuur, moeder ~ roept
    nauw aan het hart liggen
    nauwe, te ~ komen
    navenant
    navenante
    navette, de ~ doen
    navettetrein
    navorser
    nazicht
    nazinderen
    nètsje
    nösselijk
    ndoeje
    ne
    ne keer
    ne langen swiesel
    ne oai en nen droai
    ne peut in zijn keel hebben
    neel
    neemt
    neen
    neep
    neep, een ~ geven
    neer
    neerhof
    neerleggen, de boeken ~
    neerpladijzen
    neerstuiken
    neeviest
    nefast
    neffe
    neffeneen
    neffes
    neffest
    negen kansen van de tien
    negenen
    negerinnentet
    negin
    neië
    neig
    nek, een dikke ~ (hebben of krijgen)
    nek, iem. met de stijve ~ bezien
    nek, in de ~ draaien
    nek, op zijn ~ hebben of krijgen
    nektapijt
    nel
    nem
    nemen
    nemen voor, iem. ~
    nemen, te ~ of te laten
    nemes
    nemport wat
    nen
    nen hap en ne knap
    neofiet
    neportwa
    nepstatuut
    nes
    nest maken
    nest, een ~ maken
    nest, naar zijn ~gaan
    nestel
    nestel, zijne ~ afdraaien
    nestel, zijnen ~ afdraaien
    nestklever
    net
    netebuk
    netelen
    netelen, zich ~
    nettas
    nette
    nettegalle
    netteke
    netzak
    neuke
    neukzeug
    neul
    neurken
    neus, as ge ne ~ hebt, kunt ge rieken
    neus, een ~ zetten
    neus, ik zal uwe neus eens tussen uw twee oren zetten
    neus, met de vingers in de ~
    neus, uwe ~ overal insteken
    neus, van zijn ~ maken
    neus, zijn ~ aan het venster steken
    neus, zijn ~ daarvan tussen houden
    neus, zijne ~ optrekken
    neusdoek
    neuske
    neuske, ~ tege den draad
    neuste
    neusvreugde
    neut
    neute
    neute van schoat
    neutebuk
    neutekrakertje
    neutel
    neutelen
    neuteling
    neutelwijfke
    neuten
    neuter
    neutheuvel
    neutre
    neuzel
    neuzen
    neuzen in dezelfde richting
    neven
    nevenaf
    nevenverschijnsel
    nevenwerking
    ni
    nie onder een dooi hen uitgebroed zijn
    nief
    niefs
    niemand niet
    niemendalle
    niepetiene
    nieringen
    niet
    niet dan
    niet te lange trekken
    niet-rokers
    nietjesmachien
    niets, dan weet ik er ~ van
    niets, geen ... of ~
    nieuwjaar
    nieuwjaarkezoete zingen
    nieuwjaarsavond
    nieuwjaarsbrief
    nieuwjaarszingen
    nieuwjaren
    nieuwkuis
    nieuwloopte zijn
    nieuws
    nieuws, van ~ af aan
    nieuwsgezind
    nieverans
    nieveranst
    nievers
    nieverst
    nieweert
    niewerd
    nijf (neif)
    nijg
    nijnagel
    nijpen
    nikkel
    nikkel, zijne ~ afdraaien
    nikkel, zijnen ~ uithangen
    nikkelen Nelis
    niknakske
    niks, 't is ~
    niks, twee keer ~
    nikske
    niksmendalle
    nilft
    nilte
    nipt(e)
    niptelle
    NIR
    nirken
    nit
    niveranst
    njam-njam
    noamdaag
    noëschool
    nobbelewitjes
    nocturne
    noden
    noeats, oeats
    noemen
    noen
    noene
    noeneke
    noeneten
    noenetukje
    noenstond
    noes
    noesem
    nog goed bij den uwe zijn
    nog nie
    noi
    noks
    noktepietje
    nol
    nondedju
    nondedjuke
    nondedzjol
    nondepie
    nonkel
    nonnebil
    nonnepietje
    nonsensicaal
    noob
    nood
    nood hebben aan
    noodcentrale
    noodnummer
    noodoproep
    nooit ofte nooit
    Noord-Nederlands
    noorden, het ~ verliezen
    noorderbuur
    noorderwind, oosterwind, zuiderwind, westerwind
    noot
    noot, een ~ kosten
    nor
    normaalgezien
    normaalschool
    noskes
    noste
    nostejare
    nosteweke
    nota
    nota's nemen
    notaboekje
    notarisziekte
    notelaar
    noten met gaatjes
    nothing in de podding
    notie
    notionele interestaftrek
    nougabollen
    nout
    novenant
    nozel
    nu
    nuën
    nuchtend
    nucleaire rente
    nugger, niet van de ~sten
    nuik, ne ~ draaien
    nul, van ~ beginnen
    nuldebotten
    nulle
    nummer honderd
    nummero
    nuneke
    nunne
    nurk
    nut, nutte
    nuus

    Tip: Punthoofd.be. Het heetste nieuws in de Vlaamse media.

    Het Vlaams woordenboek  |  Copyright © 2007-2012  |  Concept en realisatie door Anthony Liekens  |  Algemene Voorwaarden