Vlaams Woordenboek logo

Het Vlaams woordenboek


Index

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Log in

Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.

Uw gebruikersnaam
Uw geheime paswoord

  • Log in
  • Wees welgekomen | Willekeurig | Top woorden | Recent

    pinkelen

    Dit is slechts 1 definitie voor "pinkelen." Bekijk alle definities.

    pinkelen
    (ww. pinkelde, gepinkeld)

    blinken, schitteren, stralen

    zie hoe zijn oogjes pinkelen als hij zijn mama weerziet

    4 reactie(s)  |  oudere versies
    Toegevoegd door Kastanjeoog en laatst gewijzigd door fansy (07 Aug 2021 11:07)

    👍
    255

    Reacties

    Staat ongemarkeerd in VD. Ik vrees SN, maar noorderbuur LG moet zijn gedacht maar eens zeggen.

    Toegevoegd door Georges Grootjans op 08 Aug 2013 14:09

    pinkelen

    Heel goed gekend in de regio Leiestreek
    bv: mijn verlovingsring pinkelt nog altijd.
    opgelet,de baan ligt glad,zie ze pinkelen.

    Toegevoegd door hamamelis op 08 Aug 2013 14:50

    Pinkelen voor twinkelen in NL, het zou kunnen ik herken het zelf niet. Verouderd of regionaal denk ik. Wel wordt het in oost-Limburg gebruikt voor plassen.

    Verder:Pinkelen
    Uit `De lagere vaktalen: Diamantbewerking` 1914 ’t maken van bezeelen en paviljoenen aan achtkantjes.
    Gevonden op http://www.dbnl.org/tekst/ginn001hand02_01/ginn001hand02_01_0009.php

    PINKELEN
    1) Flakkeren 2) Flonkeren 3) Pinken 4) Schitteren 5) Tintelen 6) Turen 7) Twinkelen
    Gevonden op http://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/PINKELEN/1

    Toegevoegd door LeGrognard op 08 Aug 2013 16:16

    pinkelen > Duits: pinkeln: plassen

    WNT: PINKEL:
    1) pinkel(en) znw: pink(en) > gewestelijk: Vlaanderen
    2) houten tapje of spie > West-Vlaams

    PINKELEN: WW. van PINKEN
    1) ww. van pinken: en zeker jongensspel (Holl., VL, Limb.): zie JANSSENS, Kindersp. u. Vl. België 2, 216 volg.
    2) met de ogen pinken, lonken
    3) Een flikkerend licht uitstralen, flikkeren, flonkeren, glinsteren, hetzij uit zich zelf, hetzij omdat er het zonlicht op valt.
    De blijdschap pinkelt in zijne oogen, DE BO (1873).
    In ’t bijzonder gezegd van sterren en lichtjes.
    Van dranken/ Parelen, vonkelen (Zuidafrikaans: fonkelwijn = champagne)
    De champagne-wijn pinkelt in de glazen, DE BO (1873).
    Oud bier dat pinkelt. DE BO (1873).
    4) Prikkelen, tintelen, een prikkend of stekend gevoel geven.
    Mijn vingers pinkelden van de koude, DE BO (1873).
    Dat gewonde lid pinkelt van ’t zeer, DE BO (1873).

    WW van PINGELEN:
    Wateren, zijn water loozen.
    Peuteren op fijn naaiwerk;
    Dingen op den prijs van iets: afpingelen

    Toegevoegd door fansy op 09 Aug 2013 02:41

    Voeg een reactie toe

    Ingelogde gebruikers kunnen reacties aan deze definitie toevoegen.

    Log in

    Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.

    Uw gebruikersnaam
    Uw geheime paswoord

    Nieuwe versie!
    Er is een nieuwe versie van het Vlaams Woordenboek online. Mocht je problemen ondervinden, gelieve deze te melden op onze GitHub.

    Het Vlaams woordenboek  |  Concept en realisatie door Anthony Liekens

    Creative Commons License

    Het Vlaams Woordenboek by Anthony Liekens is licensed under a Creative Commons Attribution-NonCommercial-ShareAlike 4.0 International License.