Vlaams Woordenboek logo

Het Vlaams woordenboek


Index

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Log in

Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.

Uw gebruikersnaam
Uw geheime paswoord

  • Log in
  • Wees welgekomen | Willekeurig | Top woorden | Recent

    bollaert

    De beschrijving van deze term werd 9 keer aangepast.

    Versie 9

    bollaert
    (de ~, (m.), ~s)

    knotwilg

    Woordenboek der Nederlandsche Taal:
    < BOLLAARD (juister bolaard)
    boom welks kruin is afgeknot, inzonderheid: knotwilg (De Bo (1873)), ook bolhoofd genoemd.
    Vgl.: engels pollard en frans têtard met het gelijkbeteekenende bollaard

    Knotwilgen in Asse-Ter-Heide

    Bollaerts vindt ge langs de wegen of dreven.

    Regio Westhoek
    Bewerking door de Bon op 07 Jul 2021 14:46
    2 reactie(s)

    Versie 8

    bollaert
    (de ~, (m.), ~s)

    knotwilg

    Woordenboek der Nederlandsche Taal:
    < BOLLAARD (juister bolaard)
    boom welks kruin is afgeknot, inzonderheid: knotwilg (De Bo (1873)), ook bolhoofd genoemd.
    Vgl.: engels pollard en fr. têtard met het gelijkbeteekenende bollaard
    ook wel POLDER, in Vlaanderen BOLLERD, BOLLAARD —, znw. m., mv. -s. Nnd. boller, eng. bollard. De Vlaamsche en Engelsche vorm maakt het waarschijnlijk dat het woord eene afleiding is van Bol (IV) en dus eigenlijk hetzelfde als het aldaar vermelde bollaard, afgeknotte boom

    Knotwilgen in Asse-Ter-Heide

    Bollaerts vindt ge langs de wegen of dreven.

    Regio Westhoek
    Bewerking door de Bon op 07 Jul 2021 14:14
    2 reactie(s)

    Versie 7

    bollaert
    (de ~, (m.), ~s)

    knotwilg

    Woordenboek der Nederlandsche Taal:
    < BOLLAARD (juister bolaard)
    boom welks kruin is afgeknot, inzonderheid: knotwilg (DE BO (1873)), ook bolhoofd genoemd.
    < BOL (W.-VL: znw, o., mv. ~len)
    Stam, tronk, schacht van een boom, boomstam
    Reeds in ’t Mnl.
    Vgl.: engels pollard en fr. têtard met het gelijkbeteekenende bollaard
    ook wel POLDER, in Vlaanderen BOLLERD, BOLLAARD —, znw. m., mv. -s. Nnd. boller, eng. bollard. De Vlaamsche en Engelsche vorm maakt het waarschijnlijk dat het woord eene afleiding is van Bol (IV) en dus eigenlijk hetzelfde als het aldaar vermelde bollaard, afgeknotte boom

    Knotwilgen in Asse-Ter-Heide

    Bollaerts vindt ge langs de wegen of dreven.

    Regio Westhoek
    Bewerking door de Bon op 07 Jul 2021 14:11
    2 reactie(s)

    Versie 6

    bollaert
    (de ~, (m.), ~s)

    knotwilg

    Woordenboek der Nederlandsche Taal:
    < BOLLAARD (juister bolaard)
    boom welks kruin is afgeknot, inzonderheid: knotwilg (DE BO (1873)), ook bolhoofd genoemd.
    < BOL (W.-VL: znw, o., mv. ~len)
    Stam, tronk, schacht van een boom, boomstam
    Reeds in ’t Mnl.
    Vgl.: eng. pollard en fr. têtard met het gelijkbeteekenende bollaard
    ook wel POLDER, in Vlaanderen BOLLERD, BOLLAARD —, znw. m., mv. -s. Nnd. boller, eng. bollard. De Vlaamsche en Engelsche vorm maakt het waarschijnlijk dat het woord eene afleiding is van Bol (IV) en dus eigenlijk hetzelfde als het aldaar vermelde bollaard, afgeknotte boom

    Bollaerts vindt ge langs de wegen of dreven.

    Regio Westhoek
    Bewerking door de Bon op 11 Aug 2018 21:28
    2 reactie(s)

    Versie 5

    bollaert
    (de ~, (m.), ~s)

    knotwilg

    WNT:
    < BOLLAARD (juister bolaard)
    boom welks kruin is afgeknot, inzonderheid: knotwilg (DE BO (1873)), ook bolhoofd genoemd.
    < BOL (W.-VL: znw, o., mv. ~len)
    Stam, tronk, schacht van een boom, boomstam
    Reeds in ’t Mnl.
    Vgl.: eng. pollard en fr. têtard met het gelijkbeteekenende bollaard
    ook wel POLDER, in Vlaanderen BOLLERD, BOLLAARD —, znw. m., mv. -s. Nnd. boller, eng. bollard. De Vlaamsche en Engelsche vorm maakt het waarschijnlijk dat het woord eene afleiding is van Bol (IV) en dus eigenlijk hetzelfde als het aldaar vermelde bollaard, afgeknotte boom

    Bollaerts vindt ge langs de wegen of dreven.

    Regio Westhoek
    Bewerking door fansy op 08 Apr 2014 01:11
    2 reactie(s)

    Versie 4

    bollaert
    (de ~, (m.), ~s)

    knotwilg

    WNT:
    < BOLLAARD (juister bolaard)
    boom welks kruin is afgeknot, inzonderheid: knotwilg (DE BO (1873)), ook bolhoofd genoemd.
    < BOL (W.-VL: znw, o., mv. ~len)
    Stam, tronk, schacht van een boom, boomstam
    Reeds in ’t Mnl.
    Vgl.: eng. pollard en fr. têtard met het gelijkbeteekenende bollaard

    Bollaerts vindt ge langs de wegen of dreven.

    Regio Westhoek
    Bewerking door fansy op 08 Apr 2014 01:03
    2 reactie(s)

    Versie 3

    bollaerts
    (de)

    knotwilgen.

    bolaerts vindt ge langs de wegen of dreven.

    Regio Westhoek
    Bewerking door fansy op 11 May 2012 04:35
    2 reactie(s)

    Versie 2

    bollaerts
    (de)

    knotwilgen.

    bolaerts vind ge langs de wegen of dreven.

    Regio Westhoek
    Bewerking door aliekens op 30 Jun 2008 02:13
    2 reactie(s)

    Versie 1

    bollaerts
    (de)

    bollaerts betekent knotwilgen.

    bolaerts vind ge langs de wegen of dreven.

    Regio Westhoek
    Bewerking door nv577401 op 26 Jun 2008 19:56
    2 reactie(s)

    Nieuwe versie!
    Er is een nieuwe versie van het Vlaams Woordenboek online. Mocht je problemen ondervinden, gelieve deze te melden op onze GitHub.

    Het Vlaams woordenboek  |  Concept en realisatie door Anthony Liekens

    Creative Commons License

    Het Vlaams Woordenboek by Anthony Liekens is licensed under a Creative Commons Attribution-NonCommercial-ShareAlike 4.0 International License.