Vlaams Woordenboek logo

Het Vlaams woordenboek


Index

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Log in

Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.

Uw gebruikersnaam
Uw geheime paswoord

  • Log in
  • Wees welgekomen | Willekeurig | Top woorden | Recent

    joak

    Dit is slechts 1 definitie voor "joak." Bekijk alle definities.

    joak

    ja ik; aanechting van het persoonlijk voornaamwoord aan ja

    1e persoon enkelvoud: joak
    2e persoon enkelvoud: joag
    3e persoon enkelvoud: joaj/joan (mannelijk), joas (vrouwelijk) en joat (onzijdig)
    1e persoon meervoud: joam/joaw
    2e persoon meervoud: joag
    3e persoon meervoud: joa(n)s
    (bron:Wikipedia)

    Komt de Jef vandaag den hof doen? Joj, hij komt om 5 uur.

    3 reactie(s)  |  oudere versies
    Toegevoegd door robke en laatst gewijzigd door Marcus (24 Jul 2021 08:54)

    👍
    370

    Reacties

    Jef is derde persoon mannelijk en dan moet het “joj” zijn. “Jok” is voor de eerste persoon. “Jos” is voor meerdere personen of voor een derde persoon vrouwelijk. “Jom” is voor eerste persoon meervoud.

    Toegevoegd door dsa op 06 Jun 2011 20:28

    Gans Vlaanderen was al overdreven. De aangehaalde ja-vormen zijn eerder W-Vl denk ik. Als er al een vorm wat meer algemeen is zal het joat of jot (ja het) zijn. Deze vorm wordt te pas en te onpas gebruikt:
    Gaat het regenen? Jot, ik denk het wel. (Hier is het correct gebruikt)
    Komt de Jef vandaag? Jot, hij heeft het zelf gezegd. (Hier wordt het oneigenlijk gebruikt.)

    Toegevoegd door Georges Grootjans op 06 Jun 2011 21:09

    Nienk en doen

    Ik heb mijn schoonfamilie (streek Wortegem-Anzegem-Waregem)ooit eens alle “jok”-variaties horen verbuigen, of hoe moet je dat noemen? Voor een Limburger een smakelijk leervoer, maar niet toepasbaar in het dagelijks leven. Maar, Georges, joat of jot worden in Limburg volgens mij ook niet gebruikt, behalve door een West-Vlaming die door een straffe westenwind naar het oosten is geblazen. De toevoeging van de verkorte “ik” = jok, de verkorte “het” = jot (al dan niet gediftongeerd), het verkorte “hem” = jo’em enzovoort heeft oude wortels die het “Vlaams” gemeen heeft met het Engels (yes I am, yes it is, yes he is). Limburgs heeft totaal andere wortels. Toch bestaat er daar ook die invloed: de befaamde Kempische en Haspengouwse bevestiging “ja, dat is” heeft ook die Engelse slag mee.

    Toegevoegd door Andebijk op 06 Jun 2011 23:10

    Voeg een reactie toe

    Ingelogde gebruikers kunnen reacties aan deze definitie toevoegen.

    Log in

    Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.

    Uw gebruikersnaam
    Uw geheime paswoord

    Nieuwe versie!
    Er is een nieuwe versie van het Vlaams Woordenboek online. Mocht je problemen ondervinden, gelieve deze te melden op onze GitHub.

    Het Vlaams woordenboek  |  Concept en realisatie door Anthony Liekens

    Creative Commons License

    Het Vlaams Woordenboek by Anthony Liekens is licensed under a Creative Commons Attribution-NonCommercial-ShareAlike 4.0 International License.