Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.
1. haring
Van Dale: levaard de (m.); -s (1872) van leven + -aard, dus levende vis: (gewestelijk) verse haring
2. een levendig kind
1. Onder de oorlog kwam haast elke dag levaart op tafel, ofwel gebakken maar meestal was het ingelegde haring.
2. Die kleine van hiernaast is nogal een levaart (een levende haring is nogal beweeglijk).
- haring
Van Dale: levaard de (m.); -s (1872) van leven + -aard, dus levende vis: (gewestelijk) verse haring
- een levendig kind
- Onder de oorlog kwam haast elke dag levaart op tafel, ofwel gebakken maar meestal was het ingelegde haring.
- Die kleine van hiernaast is nogal een levaart (een levende haring is nogal beweeglijk).
uitkappen, uitgieten, uitkiepen
Kipt die emmer met vuil water maar ineens in het rioolputteke uit.
uitkappen, uitgieten, uitkiepen
Kipt die emmer met vuil water maar ineens in het rioolputteke uit.
fig.: de weg die afgelegd werd om iets te bereiken, er te komen, …
Deze fig. betekenis staat niet in VD.
Volgens LG in NL: traject
erasmix.be: Paul De Grauwe: ‘Ik heb een parcours afgelegd van vallen en opstaan’
Nieuwe versie!
Er is een nieuwe versie van het Vlaams Woordenboek online. Mocht je problemen ondervinden, gelieve deze te melden op onze
GitHub.