Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.
iemand negeren, iemand geen aandacht meer schenken
soms ook schertsend gebruikt, zie voorbeeld
zie ook bezien
Sinds dat ik tegen de Jean zijn kar gereden heb beziet hij me niet meer.
Als ge nog ene keer mijne verjaardag vergeet, bezie ik u niet meer!
het organiseren van dagactiviteiten voor kinderen op speelpleinen tijdens vakantieperiodes
VD2013 online: Belgisch-Nederlands
vgl. speelschool
De zoon van mijn zus ging, tijdens de zomermaanden, regelmatig naar de speelpleinwerking.
demorgen.be: Bijna een op de vijf speelpleinwerkingen gaat prijs verhogen
weg zijn
Modern Vlaams: ik zen eweg: vertaling: ik ben op weg
MNW: enweg, enwech – EWEG, WEI, W(E)IG
bw. en tusschenw., zelden ook bnw.
Oorspr. ontstaan uit de kopp. van het mnl. voorz. en ‘in, op’ en den vierden of derden nv. van weg (I)
> mnl. enwech, enwege, waarnaast ook ewech, ewege; vgl. mnd. enwech, enwege(n), mhd. in wec, enwec, enwege; oeng. aweg, onweg, neng. away; ofri. awei.
Reeds in het mnl. ontwikkelde e(n)wech ‘op weg’ (d.i. ‘van hier, voort’) zich tot het bijw. wech, vgl. mnd. wech, hd. weg; fri. wei.
Als grondvorm voor den eert. en thans gewest., met name in Vl.-België en vooral in de verb. wei en(de) weder geattesteerden vorm wei moet men wege aannemen; zie verder Mnl. W. 9, 2051, DE BO 1873 en vgl. verder SCHÖNFELD? § 64 en b.v. den hierboven genoemden fri. vorm. Het eveneens eert. en thans gewest., vooral in Vl.-België maar ook elders wel voorkomende (zie b.v. ENDEPOLS 1955) eweg, dat ook in samengest. woorden nog wordt gebezigd, herinnert aan de oorspr. herkomst.
Een spelling (e)weeg werd tot slot uitsl. gewest. in Vl.-België aangetroffen (TEIRL. 1922), terwijl een nevenvorm wig, eert. geattesteerd in LAMBRECHT, Naembouck 1562, thans, evenals het minder gebruikelijke weig, gewest. nog in Zeel. voorkomt (zie GHIJSEN 1964).
Ik zen eweg, blijfde gelle nog? (Ik ben weg, blijven jullie nog?)
Nee, nee, wij zijn ook direkt eweg se.
Hij pakte zijne frak en eweg was em.
a) iets begaan
b) een ongeluk begaan
zie ook maleur, malheur, maleuren
ook meervoud: malheuren doen
a) wreed-en_plezant.be: Hij brieste: “Lui stuk saboteur weg of ik doe een malheur.” ’k Vloog eruit en ik kreeg schoon uitbetaald mijn laatste loon.
b) Ziet dat ge geen malheuren doet.
Nieuwe versie!
Er is een nieuwe versie van het Vlaams Woordenboek online. Mocht je problemen ondervinden, gelieve deze te melden op onze
GitHub.