mook de ~ (v./m.), -en
een moot of snede vis, groot genoeg om te koken. (10-12cm)
[wnt]: Vischmook, in Antw. voor -moot.
Visch was destijds te Antwerpen...
een moot of snede vis, groot genoeg om te koken. (10-12cm)
[wnt]: Vischmook, in Antw. voor -moot.
Visch was destijds te Antwerpen...
uitspraak: moeëk, moewek
uitdrukking: die is op z'n moeëk uit =...