hullemboer

de ~ ,~en, man. zelfst. nw.
Definitie

Status:Onbekend

kolenboer
afgeleid van hulle met -m voor bilabiale -b

Voorbeelden

Maan noenkel was hullemboer en da brocht goed oep maar 't was wel kapotmaokeraa.
(Mijn oom was kolenboer en dat bracht goed op, maar 't was zeer zwaar werk.) zie kapotmakerij

Toegevoegd door Marcus - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 07 Aug 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025