beneden

de ~, man. zelfst. nw. geen meerv.
Definitie

in een huis de benedenverdieping of het gelijkvloers, de gelijkvloer

zie ook: boven

Antwerpse uitspraak: benejen
Lierse uitspraak: beneije
Kempische uitspraak: beneeje

Voorbeelden

De kuisvrouw doet over andere week den boven en de andere week den beneden.

[Amai], [zo'n] kot kuisen is toch een heel job. Den boven is gedaan, nu mijnen beneden nog.

Ze wonen nu op nen boven, maar [zoeken] te verhuizen naar nen beneeje met een hofke: dat is gemakkelijker met de klein mannen.

Toegevoegd door Georges Grootjans - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 29 Jul 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025