Definitie

Status:Onbekend

  1. eigenaardig, vreemd, zonderling, raar
  2. draaierig, onpasselijk, mottig

[wnt]:

  1. Eigenaardig, van een bijzonderen aard, gewoonlijk in ongunstigen zin. In die pregnante ongunstige bet. ”een vreemden aard hebbende”, die in het Vlaamsch nog de gewone is, komt het al bij a. bijns (Anna Bijns, 16de E.) voor.
  2. Onpasselijk, misselijk.

Van Dale 2014 online: Belgisch-Nederlands, niet algemeen

niet te verwarren met raar

Voorbeelden
  1. Da's aardig, ik had die mens daar niet zien staan.

  2. Marie wordt aardig, ga vlug naar buiten met haar in de frisse lucht.

Toegevoegd door petrik - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 04 May 2025 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025