Dit artikel werd nog niet redactioneel bewerkt en daarom kan de kwaliteit ontoereikend zijn.
Definitie
vastlopen, blijven hangen, blijven steken
(ook fig.)
vnw: blijven steken, vastlopen
-de zaken stroppen, de zaken lopen vast
[gwnt]: (Zuidn.) opeenschuiven, zich samenpakken, blijven steken: de draad stropte bij het naaien; het vuil stropt hier in de goot
wpt: (1950) (Vlaanderen) vastlopen; niet vlotten.
Opm: Inmiddels toch ook (in bepaalde contexten?) in .NL in gebruik. onzetaal.nl: "Is de zin ‘Het verkeer stropte’ juist als je bedoelt dat er een file ontstaat? Ja, het werkwoord stroppen kan deze betekenis hebben. De woordenboeken vermelden bij het werkwoord stroppen onder andere de betekenis ‘op elkaar schuiven, blijven steken’, ‘zich samenpakken’. Ook onderhandelingen kunnen stroppen: dan lopen ze vast."
Voorbeelden
Uitlevering Italiaanse kinderontvoerder stropt. (nieuwsblad.be)
Als de ontwikkeling van een leerling stropt, kunnen we het schoolse traject even vertragen. (klasse.be)
"Het stropte bij de begeleiding van en communicatie met de jongere roeiers", klinkt het. (sporza.be)
Dit keer stropte het verkeer door een aanrijding op de Kempische Steenweg. (hbvl.be)
Toegevoegd door Georges Grootjans - VL-WBK 1.0
Gepubliceerd op 23 Sep 2025 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025