Dit artikel werd nog niet redactioneel bewerkt en daarom kan de kwaliteit ontoereikend zijn.
Definitie
(te) braaf iemand, goedzak
vroeger algemeen in Zuid-Nederlandse dialecten, nu nog in Westhoek en Limburg
Voorbeelden
Godsblok: sul, goedzak, zware vent. Nen godsblok van nen vent. (De Bo). Roeselare, 1928.(Biekorf. Jaargang 66 · dbnl)
"Mijn vader was een godsblok, maar wij kregen soms een lap rond ons oren en we verdienden dat." (Tiecelijn, tijdschrift uit Sint-Niklaas)
Toegevoegd door Marcus - VL-WBK 1.0
Gepubliceerd op 28 Apr 2025 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025