sjwa

de ~, ~'s vrouwelijk zelfstandig naamw.
Definitie

de toon­lo­ze e

etymologie: Vermoedelijk via Duits Schwa ontleend aan Hebreeuws sh?w? ‘leegte’; dat woord werd gebruikt door Joodse geleerden die zich tussen de 8e en 10e eeuw bezighielden met het vaststellen van de exacte teksten van Hebreeuwse bijbelboeken, als benaming voor het teken dat in het Hebreeuwse schrift aangeeft dat er tussen twee medeklinkers een neutrale, toonloze klinker voorkomt. De term is in de loop van de 19e eeuw in vele Europese talen overgenomen als naam voor de toonloze e en ten slotte ook de wetenschappelijke benaming daarvoor geworden. (M. Philippa e.a. (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands)

Voorbeelden

In de taalkunde wordt de stomme e soms svarabhaktivocaal genoemd en meestal sjwa. Svarabhakti is de naam van het proces waarmee een stomme e wordt ingevoegd tussen twee medeklinkers die niet naast elkaar mogen staan. (http://www.vanoostendorp.nl/fonologie/tongval/t23.html)

Toegevoegd door Marcus - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 12 Jul 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025