coronatoerist

z.n. w. de ~ (m.) ~en
Definitie

Status:Onbekend

Begonnen als Belgisch fenomeen: de Vlaming die nog even snel op café ging in Sluis of Maastricht. Inmiddels heeft het coronatoerisme zich als een olievlek over de grensgebieden van BE, NL, DE en FR verbreid.

Voorbeelden

In België wordt verontwaardigd gereageerd op coronatoeristen die in Nederland aan de lockdown willen ontsnappen.

Coronatoeristen uit Limburgs-Nederland riskeren een boete van 4000 euro als ze aan de overkant van de Maas goedkoop willen tanken.

Een burgemeester in West-Vlaanderen keert zich tegen Frans coronatoerisme: “blijf in uw land, daar zijn ook slagerijen.”

Toegevoegd door koarebleumke - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 30 Jul 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025