Definitie
  1. mooi, rank, slank, groot, fris, pittig.
    Combinatie van deze kenmerken.

  2. aangenaam, plezierig, fijn

Voorbeelden
  1. Dat is een pertig meisje.

  2. "Een Eva's kind, dat gaarne paren zou,
    Bad Hem reeds lang... ze was reeds in de dertig;
    En 't scheen of sint Niklaas niet luistren woû,
    Dat vond zij in 't geheel van hem niet pertig."
    (uit: Sint Niklaas. Gedicht van A.V. Bultynck in: Liederen en andere gedichten. Gent, 1869)

Toegevoegd door Ignacev - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 14 Jul 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025