Definitie

Status:Onbekend

bakkebaarden

Woordenboek der Nederlandsche Taal: fassen. Uit frans faces. Mogelijk uit frans face (enkelvoud) in een verouderde betekenis `zijkant van het gezicht’
Bakkebaarden. Gewestelijk in Vlaams-België.
“Onze Jan placht een baard te dragen, doch nu heeft hij slechts nog fassen”, Schuermans (1865-1870).
“Zijn fassen laten staan”, Cornelissen-Vervliet (1900).

Kempen: fassen, fasjen
prov. Antw.: fasjen, ook fabriezen
Hageland: fabrissen
Antwerps idioticon (1899): fas (vr.)
West-Vlaams idioticon (1873): fasse (vr.)

zie ook fabré

Voorbeelden

Met zulke fassen zag hij er uit als Elvis Presley.

Toegevoegd door tielts dialect - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 08 Aug 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025