Definitie

Status:Onbekend

bedelaar

v.: schooister

Van Dale 2005: schooier, de (m.); -s; -tje
1.landloper
2.(Belgisch-Nederlands, niet algemeen) bedelaar
3.(scheldwoord) iem. die er haveloos uitziet en die men om zijn stand minacht
4.schoft

Typisch Vlaams: bedelaar: Belgisch-Nederlandse Standaardtaal; Gangbaarheid: 3; Vlaamsheid: 1

Voorbeelden

De schooiers hebben hun plaatsje gevonden aan de ingang van de supermarkt.

Ze was “schooister” van beroep en was zeer geslepen en venijnig in haar werkwijzen. Liep steeds rond in kapmantel en met klompen. (beeldbank.kortrijk.be)

Toegevoegd door hamamelis - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 13 Jul 2025 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025