Definitie

lawaai

vnw:
•lawaai
•grote bek

Woordenboek der Nederlandsche Taal ([wnt]): lawaai: in Zuid-Nederland.

Van Dale:
la­weit
1574, ety­mo­lo­gie on­be­kend
ar­chaïsch; niet al­ge­meen la­waai

spellingvariant: lawijt

andere betekenis van laweit

Voorbeelden

Ga maar vanachteren in den hof laweit maken.

Niet zoveel lawijt maken, ik heb koppijn.

“Het Huis van Alijn lanceert Huis van Lawijt, een museumbeleving voor blinden en slechtzienden.” (persruimte.stad.gent.be 8.3.2017)

Hij werd vooral bekend als ‘Bompa Lawijt’, een rol die hij in de jaren 90? vertolkte in de VTM-serie ‘Chez Bompa Lawijt’. (hln.be)

Toegevoegd door aliekens - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 21 May 2025 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025