Dit artikel werd nog niet redactioneel bewerkt en daarom kan de kwaliteit ontoereikend zijn.
Definitie
dialectwoord voor de speen van de uier van een koe of een geit;
ook dem
in Antwerpse Kempen uitspraak ook /deim/
P.J. Cornelissen & J.B. Vervliet (1899-1906). Idioticon van het Antwerpsch Dialect (Stad Antwerpen en Antwerpsche Kempen).
DEEM (zachte e) en DÈÈM, znw., m. - Tepel aan den uier van melkdieren. De demen van 'en koei. Kiliaan Deme, uber, rumen.
Woordenboek der Nederlandsche Taal: deem
DEME, daarnaast ook DEM —, znw. m.
Van onbekenden oorsprong. Gewestelijk in gebruik in den zin van: Speen of tepel van een melkdier, vroeger ook in dien van: uier.
Voorbeelden
De koe heeft vier demen.
zie andere betekenis van deem
Toegevoegd door Luc Steensels - VL-WBK 1.0
Gepubliceerd op 04 Aug 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025