dienschotel

Zelfstandig naamwoord v., ~s
Definitie

Status:Geen standaardtaal

een schaal, groot bord of schotel waarop een gerecht opgediend wordt

Voorbeelden

Snij de koedoefilet in vrij dikke reepjes, kruid ze en schik ze met de plakjes aubergine op een dienschotel. (weekend.knack.be)

Verdeel de profiteroles over de borden of dresseer ze in piramidevorm op een dienschotel. (delhaize.be)

Een dienschotel verwarmen, er de visfilets op schikken, overgieten met de saus.(vliz.be)

Toegevoegd door Georges Grootjans

Gepubliceerd op 29 Dec 2025 Laatst bijgewerkt op 29 Dec 2025