misschatten

ww. misschatte; misschat
Definitie

Status:Onbekend

verkeerd (in)schatten

ook wederkerig

Algemene Nederlandse Spraakkunst:
Het voorvoegsel, of prefix, mis- met de betekenis ‘verkeerd, niet goed, niet’ vinden we onder meer in de volgende werkwoorden: misbruiken, misdoen, mishandelen, misleiden, mismaken, misstaan, misvormen, (zich) misdragen, (zich) misrekenen, misgunnen, miskennen, mislukken
Het procedé is niet productief, behalve in Belgisch Nederlands (vooral voor het vormen van wederkerende werkwoorden). Voorbeelden zijn: misgeven, misleggen, misschatten, mispeuteren; (zich) miskopen, (zich) mislopen, (zich) mispakken, (zich) misrijden, (zich) misschrijven, (zich) misspreken (misspreken, zich ~)

Voorbeelden

Wij hebben ons namelijk enorm misschat in hoeveel zo'n baby eigenlijk kost (deverdwwaldeooievaar.be)

Het is even geleden dat ik de film nog gezien had, kon even niet uit het hoofd zeggen uit welk jaar die dateerde, en ik misschatte de ouderdom met makkelijk 5 jaar. (dvdinfo.be)

De geallieerden hadden tevens zich misschat door aan te nemen dat de Ardennen ondoordringbaar waren voor aanvallende pantsertroepen. (blog.seniorennet.be)

Toegevoegd door Georges Grootjans - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 19 Dec 2023 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025