Dit artikel werd nog niet redactioneel bewerkt en daarom kan de kwaliteit ontoereikend zijn.
Definitie
Status:Onbekend
Prakken, het met een vork pletten van voedsel.
Joos, A. (1900). Waasch Idioticon:
DEDDEREN, werkw., overg. = Pletten, morzelen, kleinen. " Ge meugt uw patatten niet dedderen, ge moet ze in stukken doen."
Zie ook smoezen.
Voorbeelden
Gededderde banaan me' confituur.
Toegevoegd door Diederik - VL-WBK 1.0
Gepubliceerd op 10 Aug 2021 Laatst bijgewerkt op 10 Feb 2026