bakhuis

het ~, ~huizen
Definitie

Status:Onbekend

Letterlijk: apart gebouwtje aan het huis waar vroeger het brood werd gebakken.
Maar oudere mensen gebruiken dit als een soort externe bijkeuken - iedereen kent dat toch, zo'n oud mens dat eigenlijk alleen in z'n huis komt om te slapen, al de rest: eten, koken, wassen en plassen,... gebeurt in dat bakhuis.

ook in de Antwerpse Kempen

Etymologisch Woordenboek: bij het ontstaan werkte het bestaan van een ouder mnl. bac-huus o. “bakkerij” mee, dat dial. nog voorkomt (o.a. in de Kempen = “apart huisje, waarin men bakt”:

Voorbeelden

Ons bomma, waarvoor dat die een huis heeft, ik zou het begot niet weten, daar wordt niet in gestookt, alleen maar gekuist. En dan kom je in dat bakhuis, waar je je kont niet kunt keren en daar val je flauw van de hitte.

Toegevoegd door jiet - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 10 Aug 2021 Laatst bijgewerkt op 09 Feb 2026