Definitie

Status:Kandidaat Belgisch-Nederlands

blik

ook dikwijls dim.: doosje, dozeke

Voorbeelden

1 kleine doos erwtjes. 4 wortels. 1 ajuin. 1 prei. 4 eieren. 1 dl room peper en zout bereiding : Maak een kuiltje in de bloem, voeg water,... (onskookboek.be)

Shoppen op zondag kan je flink wat meer kosten: doosje erwten is vier keer zo duur. (nieuwsblad.be)

Kan ik een geopend doosje tomatenpuree in het blik bewaren? (dagelijksekost.een.be)

Voor 4 personen: 250 g Nazarethkaas in blok 1 cervelaatworst of hespenworst 1 komkommer 1 rode, 1 groene en 1 gele paprika 1 doosje maïs (natuur) 1/2. (weekend.knack.be)

Hij eet dat het liefst met een dozeke tomatenpuree zo'n klein dozeke (seniorennet.be)

In haar "schortenzak" had ze altijd een dozeke slangenzalf. (photofinish.be)

Gerelateerde Woorden
Bronnen & Referenties
Typisch Vlaams (Ludo Permentier en Rik Schutz)

Geen Algemeen Nederlands

Vlaams-Nederlands woordenboek (Peter Bakema)

een doos erwtjes: een blik erwtjes

Team Taaladvies

geen standaardtaal in de betekenis 'conservenblik'

Toegevoegd door Georges Grootjans - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 04 Jan 2026 Laatst bijgewerkt op 04 Jan 2026