Definitie

speciale prothetische vorm van het persoonlijk voornaamwoord et/'t, die optreedt na werkwoorden en voegwoorden

in gebruik in oostelijk Oost-Vlaanderen (Waasland en Denderstreek)

hoewel door dialectsprekers dikwijls nog een extra tussenliggende sjwa wordt geschreven indien het voorafgaand woord eindigt op een medeklinker, is dit een schrijftalige hypercorrectie: een doffe e wordt in Oost- (en West-)Vlaanderen zo goed als nooit uitgesproken (en als ze al uitgesproken wordt, wordt ze afgezwakt tot op het voor een buitenstaander onhoorbare af)

door de woordsoorten waarbij dit fenomeen optreedt, lijkt het soms alsof het gaat om:

  • het gebruik van een infinitiefvorm (zoals voor de 1ste persoon enkelvoud in NW-West-Vlaanderen bij alle werkwoorden in tegenwoordige en verleden tijd, en in zo goed als gans Vlaanderen bij eenlettergrepige werkwoorden in de tegenwoordige tijd);
  • de voegwoordverbuiging 'dan' ('da' = enkelvoud, 'dan' = meervoud)
Voorbeelden

Geena'ken haddent gisteren ook aan mijn zuster gevraagd maar ze heeft ze vriendelijk wandelen gestuurd (kzen dus vant affront bespaard gebleven :D) (iendracht.be)

ja (...) kweetent (ask.fm)

Ale straks gaan we het weten waar dant naartoe gaa :) kben is benieuwd (partyflock.be)

Mor ik weet nie waor dat hij zij vaal steekt, mor zet golder older nekir ne nacht of twië, drij, gelijk of dant past, he, in ’t karrekot of in nen ândren stâl, en ge moet da mor nekiër afloeren”, zeet hij, “waor dat hij zij vaal gout haolen. (volksverhalenbank.be)

Toegevoegd door nthn - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 31 Jul 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025