pijpenplakker

de ~, ~s man. zelfst. nw.
Definitie

Status:Onbekend

(rennersjargon) renner met weinig talent

Antwerpse Kempen: treuzelaar

Voorbeelden

„Wie geeft er nou vijfhonderd gulden startgeld voor een pijpenplakker?" (Provinciale Zeeuwse Courant 17/10/97)

"En het zijn geen wat men in het wielerjargon 'pijpenplakkers' noemt. McEwen, O'Grady, Cooke, Rogers, Evans, McGee en Roberts behoren tot de wereldtop." (DS 08/07/05)

Toegevoegd door Marcus - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 11 Aug 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025