zotteklap

z.nw. de ~ (m) geen meervoud
Definitie

Status:Onbekend

onzin, dwaze praat

vnw: dwaze praat, grote onzin

VD: zottenklap (gew): onzin

Voorbeelden

Wat´ne zotteklap vertelt gij daar!

'Ik zeg het maar eens vlakaf: wat Zuhal Demir deze week schreef is zotteklap. ' (demorgen.be)

Harmen van Dijk ontving de Culturele Persprijs voor zijn artikel “James Ensor schilderde die typisch Belgische zotteklap” in Trouw (januari 2024) (flandersinthenetherlands.be)

Zo ook hier: waar was dat gegil, de zotteklap, de mania? Gedempt, of misschien weggewaaid met de wind. (hbvl.be)

Toegevoegd door LeGrognard - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 24 Oct 2025 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025