Definitie

Status:Onbekend

iets ouds, meestal gezegd van een auto
vgl. krakken
zie ook krakkemikkel, krakkemakkig

Latijn: carucca, krakkemikkig rijtuig, ploeg
Germaanse talen: oud dier

WNT: Krak (de, m./v., ~ken): Een vooral in Z.-Nederl. gebruikelijk woord, dat waarschijnlijk verwant is met kraken of krakken.

  • Een persoon of zaak die (b.v. door onderdom) minderwaardig is geworden, ”versleten” is.
  • Een oud nietswaardig ding.
Voorbeelden

Binnenkort zal het geld kosten om met zo'n ouw krak in 't Stad ([stad, ’t ~]) rond te rijden.

Dien ouwe krak van een oven heeft zijne geest gegeven.

Die snoeperd van een 50-er heeft zijn ouw krak ingeleverd voor een poppemie van 25.

Toegevoegd door Marcus - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 23 Jul 2024 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025