platbroek

de ~, ~ en, man. zelfst. nw.
Definitie

Status:Onbekend

lafaard, slappeling

VD scheld­woord; niet al­ge­meen laf, ka­rak­ter­loos mens
zie ook papklosser
([wnt])(...)2. Iemand die ontmand is, die onmachtig is eene vrouw te beslapen. In dezen zin opgegeven door KIL. en latere wdbb., en ook nog vermeld in de tegenwoordige, ofschoon deze bet. waarschijnlijk sedert lang verouderd is.3.Een laf, karakterloos mensch. Thans in Z.-Ndl. gewoon.

“lafaard, bangerd; karakterloos persoon. Oorspronkelijk vooral in Vlaanderen gebruikt (naast platzak).” (Scheldwoordenboek – Marc de Coster- 2007)

Voorbeelden

Is Kris Peeters een ruggengraatloze platbroek?
(05.11.07 http://www.vlaamsbelangkleinbrabant.org)

Een “platbroek” is iemand die van schrik zijn broek bevuilt, een lafaard dus. (wreed-en-plezant.be)

Als je het zo bekijkt heeft de angst om als een ‘platbroek’ te worden beschouwd al tot veel bloedvergieten geleid.(standaard.be)

‘Senator Lozie verontschuldigt zich voor gebruik woord maffia’. Volgens mij is senator Lozie geen dommerik maar een platbroek. (hbvl.be)

Een platbroek en kazakdraaier. Eerst zei hij dat we de remedies niet erger moesten maken dan de kwaal , niet veel later eiste de afkondiging … (forum.politics.be)

Toegevoegd door Marcus - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 23 Sep 2025 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025