Dit artikel werd nog niet redactioneel bewerkt en daarom kan de kwaliteit ontoereikend zijn.
Definitie
gefluit
Woordenboek der Nederlandsche Taal: Geschuifel, gefluit ”Het vierig gedrochte, geklauwd in de schenen, geweldig geschuifel ontlatende, vliegt, van Lendlee, te Leye- en te Kortrijkwaard henen”, (Gezelle)
zie ook [sijfelen], schuifelen, schuffelen
Voorbeelden
Het geschuifel van de schuifelaar klinkt blij en vrolijk.
Toegevoegd door fansy - VL-WBK 1.0
Gepubliceerd op 04 Aug 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025