Definitie

in de groei

het werkwoord 'wassen' (en het daaruit afgeleid zelfstandig naamwoord 'was') is afkomstig van twee verschillende werkwoorden:

  • waschen (wassen)
    -> in het West-Vlaams en westelijk Oost-Vlaams nog dikwijls met sch behouden
    -> vgl. Duits 'waschen', Engels 'wash'
  • wachsen (groeien)
    -> vgl. Duits 'wachsen', (verouderd) Engels 'wax'

Woordenboek der Nederlandsche Taal:
Het groeien (als organisch proces); het toenemen in grootte (t.w. in lengte en omvang); groei.

Van Dale: Vaak in de verbinding in den was (zijn e.d.). Is verouderd maar gewestelijk nog aangetroffen toep.

vergelijk: was, zijn ~ verliezen; was, zijn ~ breken

Voorbeelden

De 3 tienerzonen van mijn schoonzuster zijn volop in hunne was.

Het paprikazaadje is uiteindelijk toch in de was geraakt.

Stilaan komt dat plantje in de was.

Toegevoegd door fansy - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 06 Aug 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025