Definitie
Status:Onbekend
roken (sigaretten, pijp, sigaar)
opm: in die betekenis op bepaalde plaatsen aan het verouderen, bij jongere generaties heet het vaak 'smoren' voor wietroken en 'roken' voor het roken van sigaretten.
Voorbeelden
"V. zat op een stoel aan den voorgevel zijn pijp te smoren," ('Van twee Koningskinderen', Omer Wattez, 1896)
Eddy Verbueren, die al op zijn twaalfde sigaretten smoorde (die hij pikte van zijn vader Dolf), voor geld met de kaarten speelde en wist hoe kinderen gemaakt werden. (Louis van Dievel - vrt.be - 2020)
"Maar pinten pakken en sigaretten smoren horen nu eenmaal bij de rockcultuur." (standaard.be)
Don Draper, de hoofdrol, is creatief directeur van Sterling Cooper Advertising Agency, waar aan de lopende band sigaretten gesmoord, cocktails gezopen en vrouwen binnengedaan worden. (demorgen.be)
"Voor u zit geen man die in de zetel gaat zitten en een pijp smoort – ik rook trouwens niet. (lacht)" (nieuwsblad.be)
Ach, gun een oude man toch z'n sigaretje, dat hij smoort op het koertje van z'n oude huis, intussen genietend van een geurig kopje koffie. (humo.be)
Gerelateerde Woorden
Bronnen & Referenties
Geen Algemeen Nederlands
een sigaret/sigaar/pijp smoren: roken
Toegevoegd door aliekens - VL-WBK 1.0
Gepubliceerd op 28 Aug 2025 Laatst bijgewerkt op 17 Jan 2026