Dit artikel werd nog niet redactioneel bewerkt en daarom kan de kwaliteit ontoereikend zijn.
Definitie
Status:Onbekend
- zot, een halve, een ~ gedraaide, iemand die niet bij zijne juste is (juste, niet bij zijne ~ zijn)
- dom persoon
- licht mentaal achterlijk
Van Dale: halvegare; de (m.); -n: gek, dwaas
Sage:
Er bestaat een volksboek ‘De Vermaekelijke klugt’ uit 1750. Daarin staat het verhaal van een vader die zijn domme zoon overal mee naartoe nam. Van Zottegem tot het Minnewater in Brugge. Maar nergens kon iemand hem helpen. Ze kregen uiteindelijk de raad om naar Eeklo te gaan want daar worden hoofden gebakken met gekrulde en platte haren, met schele, loense, lodderige en lepe ogen, zwarte en andere kunt ge er ook krijgen volgens uw goesting en smaak. Als het hoofd te lang in de oven was blijven zitten, was je een heethoofd, had men je niet lang genoeg laten zitten, dan was je een halve gare, en een mislukt hoofd was natuurlijk een misbaksel. Later heeft deze jongen in Parijs gestudeerd en heeft hij er succes geboekt!
https://nl.wikipedia.org/wiki/Bakker_van_Eeklo
zie ook [geweijde], wiewa, wiewaai, waai
vgl. halve zot
Voorbeelden
-
Aan het rood licht kwamen 2 halve gares in een auto, megasnel aangereden. Ze moesten alles dichtsmijten of ze hadden vanachter in mijne auto gezeten. Ik was bekan gejost (gejost zijn).
-
De Leo is toch nen halvegare se. 3 x de maat opmeten en toch nog het hout verkeerd afzagen.
-
De dagploeg die in het fabriek inpakwerk aan de band doet, bestaat uit 15 halve gares.
Toegevoegd door fansy - VL-WBK 1.0
Gepubliceerd op 18 Aug 2024 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025