Definitie

drinken (bier), of alg. op café gaan

zie ook lappen, op de ~ gaan, pakken, pintenpakker

ook enkelvoud: een pint pakken (pint, een ~ pakken)

Voorbeelden

De Jean is niet thuis, hij is gaan pinten pakken.

Ik ben ermee weg, ik ga een pint pakken.

Wat denkt ge, gaan we een pint pakken?

Wanneer gaan we nog een samen pinten pakken?

Toegevoegd door Georges Grootjans - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 05 Nov 2024 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025