Definitie

schreien, huilen

Crying

Woordenboek der Nederlandsche Taal ([wnt]): schreemen: schreien, wenen
Het arme kind schreemde van de koude. Men snikte en schreemde rond het lijk. Ik kan dat niet hooren zonder schreemen. Hij schreemde van spijt en berouw, De Bo (1873)

zie ook schremienge

Voorbeelden

Voorbeelden

Ik heb me bijna doodgeschreemd toen mijn kat overreden was. Nog een geluk dat ze van de eerste keer dood was.

Toegevoegd door Kastanjeoog - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 25 Jul 2025 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025