Dit artikel werd nog niet redactioneel bewerkt en daarom kan de kwaliteit ontoereikend zijn.
Definitie
Zich prikken aan een tingel, zich netelen aan
Woordenboek der Nederlandsche Taal: Tengel, gewoner tingel: het zal dan oorspronkelijk als ”steker” bedoeld zijn en een naam voor de plant zijn geweest. Alleen in Zuid-Nederland bekend.
< tengelen: met netels bezeeren
< tengeling: brand door aanraking van netels, en oneig.: gekriebel
Voorbeelden
Ik heb mij daarnet enorm getingeld toen ik in het gras liep want de tingels stonden heel hoog.
Toegevoegd door vlaams - VL-WBK 1.0
Gepubliceerd op 15 Jan 2023 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025