Definitie
Status:Kandidaat Belgisch-Nederlands
organiseren
Voorbeelden
Om de clubkas te spijzen richten ze allerlei activiteiten in zoals een pannenkoekenslag, een wafelenbak, een mosselfeest, een barbecu, een fuif,... Enfin, elke week iets.
In plaats daarvan gaat Merksplas Feest een tweedaags feest inrichten tijdens het laatste weekend van augustus. (gva.be)
Nu mag elke club een AI-examen inrichten (geen vereisten meer qua diepte zwembad). (duiken.be)
Het festival, ingericht door de stad Bilzen in samenwerking met de cultuur- en jeugddienst, was toe aan haar 9de editie. (hbvl.be)
Festivalorganisator Luc Janssens van Na Fir Bolg (Keltisch voor 'de ronde mannen', die het festival inrichten) staat er glunderend bij. (demorgen.be)
Verenigingen die dit jaar een speciale activiteit inrichten in het kader van de Livinusviering, kunnen aanspraak maken op een speciale subsidie. (standaard.be)
Er was veel kritiek, er werd al eens gelachen, niemand van mijn vrienden uit heel Europa richtte een groot feest in. Het had gekund. (mo.be)
Gerelateerde Woorden
Bronnen & Referenties
een feest inrichten: Geen Algemeen Nederlands: Gangbaarheid: 7; Vlaamsheid: 1
organiseren, op touw zetten
2026: Belgisch-Nederlands
Inrichten in de betekenis ‘organiseren, houden, regelen’ is geen standaardtaal.
Toegevoegd door Georges Grootjans - VL-WBK 1.0
Gepubliceerd op 16 Jan 2026 Laatst bijgewerkt op 16 Jan 2026