uithangen, het ~

ww., hing het uit, h. het uitgehangen
Definitie

Status:Onbekend

vervelend doen, storen, lastig zijn, moeilijk doen, komen koejonneren, zich laten opvallen zonder reden, zich slecht gedragen, vervelend zijn door koppigheid, kieskeurigheid, onbeslistheid, moedwilligheid, muggenzifterij enz.

Voorbeelden

Ge kom'het hier toch niet "uithangen" oop ik?
(Je komt hier toch niet lastig doen hoop ik?)

De kleine heeft ‘het’ weeral uitgehangen op school. Hij is van de meester buitengevlogen.

Hij hangt ‘het’ weeral uit. Nen hele middag bleiten voor een stuk chocolat.

Toegevoegd door Gargamelius - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 29 Jul 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025