Definitie

Status:Onbekend

gammel, sukkelend, aftands

zie ook krammikkelig, krammakkelijk, kramakkelijk

Woordenboek der Nederlandsche Taal:
Modern lemma: kramachel
— KRAMAKKEL —, bnw.
Sukkelig, ziekelijk.
"Wat begint dat oud manneken kramachel te worden" Schuerm.1865-1870).

Voorbeelden

Ze waren met hun kramakkel autootje toch tot in Bretagne geraakt. Daar had het de geest gegeven.

Toegevoegd door haloewie - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 12 Jul 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025