wieër de ~ (m.), -en
knoest, verharding in hout
(figuurlijk = onoverkomelijke situatie, probleem zonder uitweg)
zie weer, neute, wier
ook: op een weer zitten
knoest, verharding in hout
(figuurlijk = onoverkomelijke situatie, probleem zonder uitweg)
zie weer, neute, wier
ook: op een weer zitten