/ nilft

de ~, vrouw. zelfst. nw. geen mv.

DISCLAIMER: Dit artikel werd nog niet redactioneel bewerkt en daarom kan de kwaliteit ontoereikend zijn.

Label(s)

- geen labels gekoppeld.
Betekenis

de helft

< volksetymologische ontwikkeling: van "den helft" met e-i wissel en wegvallen van de h > denilft, waarbij de n niet meer gezien wordt als een deel van het lidwoord, maar als beginletter van het zelfstandig naamwoord, zoals nonkel en nonk ontstaan zijn uit "mon oncle" of "mijn onkel"

Hageland: milft, iets in de ~ doen

Publicatiegegevens
Suggestie door
hamamelis - VL-WBK 1.0
Redacteur
Vlaams Woordenboek
Eindredacteur
Vlaams Woordenboek
Publicatiedatum
18/12/2025
Laatste bewerking
18/12/2025

Mijn boterkoek heb ik in 2 gesneden en de nilft ervan opgegeten.

"Woarin da we t gès nie moetn ofrynn en woarin n éne nilft peist van wel en n andern nilft van nie,..." (uit een blog: De Zoomre van 2018)