bommeke

het ~, ~s onz. zelfst. nw.
Definitie

Status:Onbekend

"bommetje", voetzoeker of ander vuurwerk dat met een luide knal ontploft

Voorbeelden

Onze gebuur werd altijd razend als we bommekes lieten ontploffen rond de tijd dat de duiven moesten vallen.

Juf raakt gewond door eigen fans: “Bommetje deed stoel uiteenspatten” (TITEL HBVL 230116)

Toegevoegd door Marcus - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 02 Aug 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025