vreemde

zelfst. nw., onz., het ~, geen meerv.
Definitie

Status:Onbekend

andere of verre plaats
op de(n) vreemde: elders

  • gaat vaak met vokaalverkorting gepaard: vremde of vrimde
  • zie ook reacties bij het lemma vremde (waar het woord de betekenis van 'vreemdeling', 'allochtoon' heeft): van de(n) vremde, in de(n) vremde (met oude datiefvormen van het lidwoord; cf. in den beginne)
Voorbeelden

Een TT in eigen dorp is altijd plezant. Het moet niet voortdurend "op de vreemde" zijn. (forum.mountainbike.be/viewtopic.php?t=41541...)

Toegevoegd door Bert Cappelle - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 22 Jul 2025 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025