Dit artikel werd nog niet redactioneel bewerkt en daarom kan de kwaliteit ontoereikend zijn.
Definitie
Status:Onbekend
prullen, frullen, frutsen, frutselen
zie sjaafelaar en sjaafelzjat
Woordenboek der Nederlandsche Taal: schaffelen:
Wellicht van den stam van Schaven, doch verg. Schoffelen en Schuifelen. Hetzelfde woord is blijkbaar SAFFELEN.
- Sloffen, slenteren, schuifelen (Hoeufft; Corn.-Vervl.).
- Moeite hebben met een of ander werk, scharrelen, morrelen, sukkelen.
Hij meent da' me' werk gemakkelijk is, maar hij zou er mee sjaffelen, as hij 't doen moest. Ik heb geschaffeld den eenen tijd op den anderen om 't slot open te krijgen, maar 't ging niet, Cornelissen-Vervliet (1899).
Voorbeelden
Ze is zo stil, ze zit weer te sjaafelen met haar haar.
andere betekenis van sjaafelen
Toegevoegd door fansy - VL-WBK 1.0
Gepubliceerd op 02 Aug 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025