Vlaams Woordenboek logo

Het Vlaams woordenboek


Index

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Recente toevoegingen RSS

02 sep 2010

steendood
» uitermate moe, mo...

verrassenderwijs
» bij verrassing

luchtmatras
» opblaasbare slaap...

pasjense
» geduld hebben

01 sep 2010

tubbe
» kuip, de helft va...

Recente wijzigingen RSS

03 sep 2010

capteren
» door haloewie

noste
» door haloewie

preformateur
» door haloewie

zatsel
» door haloewie

02 sep 2010

ost
» door Fabrizia

Recente reacties

wur
» Regio

ost
» Ost

sleutel-op-de-deur
» alhoewel ... sle...

luchtmatras
» luchtbed in Neder...

pas
» Geen idee. Ik heb...

Log in

Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.

Uw gebruikersnaam
Uw geheime paswoord

  • Log in
  • Wees welgekomen | Willekeurig | Top woorden | Recent

    böttelen

    Dit is slechts 1 definitie voor "böttelen." Bekijk alle definities.

    Thumbs_up
    27

    böttelen

    struikelen
    Ook al zeggen ze in Diest, waarvan ik afkomstig ben “strunkelen”, mijn schoonmoeder (uit Bekkevoort) zei böttelen (beuttelen).

    Ik strunkelde aan de voordeur over mijn eigen voeten en böttelde tot aan de achterdeur.

    3 reactie(s)
    Toegevoegd door jiet (28 apr 2009 16:17)

    Reacties

    bottele

    In Haspengouw (daar is Diest toch een beetje de uitloper van, hé? ;-)) zegt men "aofgebotteld koëme’ (afgebotteld komen) voor ergens ongelegen arriveren:
    - met de heel famiele kwamen zij gisteren juist voor avondskost afgebotteld! daar zat ik de helen avond met zes man op mijn lep (= op mijn lappen, ermee opgescheept)

    Toegevoegd door petrik op 29 apr 2009 12:06

    Als ik “afbottelen” naast “böttelen” en (beuttelen) zie, allemaal met dubbele tt om de voorliggende klinker kort te houden (volgens standaard-spellingsnormen), moet ik onverwijld denken aan de doffe e [œ] of /.e/ zoals in het Antwerpse “(f)luisteren”: een woord met drie doffe e’s na elkaar en dan is de stap naar buitel-, buitelen niet ver.

    De spelling met eu, ë, ö, u, ù, ui, en o (iets verder weg) zijn allemaal aan elkaar gewaagd in verschillende dialecten. Het zou veel duidelijkheid kunnen brengen, als het gebruik van elk gedefinieerd werd.

    Toegevoegd door haloewie op 02 jun 2010 13:25

    Juist! Probleem met die “eu” of “ö” is wel dat die minder bruikbaar zijn voor ontrondingsgebieden, streken waar die ronde klinkers (uu, u, eu, ö, betoonde e) niet voorkomen, althans vervangen door klinkers die meer vooraan of achteraan in de mond worden uitgesproken. In het Leuvense bv. zegt men “Leeve” of “Leive”, ook in bepaalde streken in Limburg spreekt men de u niet met geronde maar met getrokken lippen uit (minuut > meniet, mus > mès, put > pèt, zuster > zister); voor de betoonde e, korte eu of ö kan men daar bezwaarlijk “ö” gebruiken.

    Toegevoegd door petrik op 03 jun 2010 10:41

    Voeg een reactie toe

    Ingelogde gebruikers kunnen reacties aan deze definitie toevoegen.

    Log in

    Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.

    Uw gebruikersnaam
    Uw geheime paswoord

    Tip: Punthoofd.be. Het heetste nieuws in de Vlaamse media.

    Het Vlaams woordenboek  |  Copyright © 2007-2009  |  Concept en realisatie door Anthony Liekens  |  Algemene Voorwaarden