Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.
Wees welgekomen | Willekeurig | Top woorden | Recent
Dit is slechts 1 definitie voor "gans." Bekijk alle definities.
helemaal, volledig, geheel
ook in Oost-Vlaanderen, Kempen, Limburg, …
zie ook: helegans
Als ge gans uw bord leeg eet krijgt ge straks nog ne lekstok.
Ik heb van gans de nacht geen oog dicht gedaan.
Maasland: Ich hub de ganse nach gein oug toe gedoan.
Ik weet van gans die affaire niets.
Hij zit gans de tijd achter zijn pc.
vogel
Ha, toch. En niks van gans Vlaanderen.
Een gans is hier wat het is: een vogel, en niks anders.
Een vooral (West-)Vlaams woord voor heel, waar ze dan nog hans en geel zeggen ook. Hans is een geel skoon woord. Proest!
In hans O.- en W.-Vlaanderen dus. Maar niet in de landstreken Brabant (Vlaams-Brabant, Antwerpen, Noord-Brabant) en in Limburg (B en NL).
mij van hier in de regio antwerpen wel (lichtelijk verouderd?) iejelegaans/iëlegaens bekend, =helegans, helemaal (nu ff ni moeilijk doen over spelling, t is wel duidelijk zeker)
maar ‘gans’ voor “heel” klinkt in mijn oren ook (West)vlaams, of van die ouderegeneratie flamingante ABN-sprekers die heel keurig op de letter spreken en “gans” blijkbaar echter vlaams/plechtiger vinden dan het brabants-hollandse “heel”
Ben zelf van de koekestad. Neenee, genoeg gezeverd over die spelling.
Ielegaans heel soms nog wel, ja. Zelden, idd. waarschijnlijk aan ’t uitsterven. Gans nooit.
Ja, precies. Intellectualistische cultuurflaminganten die het best wel goed menen maar die van de honger doodvallen met een Frans brood (tiens, alweer een lemma?) onder hun arm… En daardoor (enfin, niet van dat doodvallen dus, maar uit overtuiging), met smachtende boezems en veel tremelo’s, 19e eeuws Conscience-Vlaemsch gaan euh, retorieken.
Oooh! Gijlieden! Ontwaakt uit uwe romantische droomelarijen! Dooft uwe pypen en kamt ulieden baarden. Laat dien duurbaeren morzel (mor, muizele begot!) Vaderlandschen Grond want daar zit ondertusschen meer pitrool in dan eronder. ’t Is alreeds ende allengskens 2008.
Maar nu dokes zolle! Dat Frans brood moet maar wachten.
De uitspraak is ten andere ook ‘me iel Aantwaarpe, mor nie me maaj’ en niet ‘me gaans Aantwaarpe’…
Gans wordt echt niet gebezigd in Antwerpen. Het gebeurt uitzonderlijk wel dat iemand het statig schrijft of zegt, waarschijnlijk met de bedoeling schoon Vlaams te gebruiken, maar in de spontane spreektaal zal de Antwerpenaar nooit ‘gans’ zeggen.
gans
VD
Betekenis ’ gans ’
Je hebt gezocht op het woord: gans.
1gans (de; zelfstandig naamwoord; meervoud: ganzen) 1(v(m)) inheemse zwemvogel2(v) dom, onnozel meisje
2gans (bijvoeglijk naamwoord, bijwoord) 1heel: de ganse dag; van ganser harte in volle oprechtheid
Ingelogde gebruikers kunnen reacties aan deze definitie toevoegen.
Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.